Kata

Onder kata (型) (het Japans kent geen meervoudsvorm, maar vaak spreken we toch van kata’s) verstaan we een individuele stijloefening met een reeks vastgelegde bewegingen, uitgevoerd tegen 4 tot 8 denkbeeldige tegenstanders, die uit verschillende richtingen aanvallen. Er bestaan wel meer dan 100 kata in het huidige karate (alle stijlen bij elkaar genomen). Ze vormen als het ware de ‘encyclopedie’ van het karate, omdat alle technieken erin voorkomen. Ze bestaan hoofdzakelijk uit stoot- en traptechnieken, verplaatsingen en lichaamswendingen. De kata hebben een vaste vorm, ze volgen een bepaald grondpatroon en hebben meestal een symboliek (bijv. ‘het fort bestormen’, ‘de halve maan’, ‘de ruiter te paard’, ‘de vlucht van de zwaluw’, ‘de kraanvogel’, ‘de handen in de wolken’, ‘tien handen’, ’24 richtingen’). De term bunkai wordt gebruikt als men (delen van) een kata loopt met één of meer daadwerkelijke tegenstanders. Vaak om de kata tijdens de les te verduidelijken of gewoon als demonstratie voor een publiek.

Het lopen en oefenen van kata is zéér belangrijk voor de basisvorming van iemands karate. De kata die worden geleerd verschillen echter per karatestijl. Zo komen bij Genseiryu andere kata voor als bijvoorbeeld bij Shotokan of Wado Ryu. Binnen Genseiryu Karatedo Nederland worden o.a. de onderstaande kata geleerd.

In de kata-beschrijvingen hieronder wordt steeds een globale schematische weergave van het looppatroon weergegeven. Hierbij dient duidelijk vermeld te worden dat het slechts om een zeer globale weergave gaat, als hulpsteuntje. Indien de exacte positie van de voeten steeds weergegeven zou worden, zou de tekening te gecompliceerd worden om er nog iets zinnigs uit te kunnen lezen. In ieder geval moet je, als je alle standen perfect uitvoert, exact op dezelfde positie eindigen als waar je de kata begon. Die postie wordt in de tekening weergeven met de kleine voetjes. Kijk dus voor je begint met de oefening waar je staat en controleer je positie na beëindiging van de kata. LET OP: de beschrijvingen zijn een HULP-middel. Ze zijn géénszins bedoeld om iemand een kata van het begin af te leren. Dat doe je het beste in een dojo, in de les van een karateleraar.

De beginstand is altijd Heisoku-dachi. Soms wordt hiervan eerst naar de uitgangspositie Heiko-dachi overgegaan, voordat de kata begint (in dat geval wordt die voet verplaatst naar Heiko-dachi, die als eerste verplaatst gaat worden in de kata), maar soms wordt ook direct vanuit Heisoku-dachi gestart.

    • Gensei Shodan
    • Ten-i no Kata
    • Chi-i no Kata (Shitei kata KBN)
    • Jin-i no Kata
    • Naihanchi (soms ook: Naifanchi)
    • Bassai Dai
    • Sansai no Kata  (Shitei kata KBN)
    • Koshokun Sho 
    • Koshokun Dai 
    • Bassai Sho
    • Wankan
    • Tai-i no Kata
    • To-i no Kata

N.B.: Shitei kata zijn ‘verplichte kata’. De KBN heeft voor Genseiryu twee kata aangewezen als Shitei kata: Chi-i no kata en Sansai.